Dat ene huisje in de straat
Steeds vlug uitgepraat
niemand op de thee
geen borrel in het straatcafé
Niemand moest er zijn
enkel een vogel op 't raamkozijn
en een poes met lege maag
een merel in de haag
En 't gebeurde aan de overkant
werd beton in grond geplant
nu huisnummer één en twee
zij bracht een kaassouflé
En 't leek al gauw een plaag
aan weerszijden de huizenkraag
en buren bij de vleet
een sleutel werd gesmeed
't Was toen dat mijn en dijn ontstond
ruzie om een koeienstront
en ze verdwenen achter 't raam
de eenzaamheid, een traan
Met al die huisjes in de straat
wordt niet of nooit gepraat
niets gezien, en niets gehoord
een sleutel heeft de spraak vermoord

Geen opmerkingen:
Een reactie posten