![]() |
| Camillius Vanblaere en Maria Logghe |
Grootmoe’s kamer
In ' t kamertje van ons grootmoe
Zakte ik weg in ‘t geveerde bed
Na het badje in de tinnen kuip
Kroop ik onder het wol doodmoe
Ik telde de houten afgebiesde ruiten
Op het roze en blauw plafond
Mijn bangheid in het donker
Verdween door 't licht van buiten
Het gezellig gebrom daar in de lucht
'n Klein vliegtuigje in zijn vlucht
Luisterend naar ‘t autorubber
Die over de straatkasseien tuft
De geur van koffie in de morgenstond
't Weerklinken van rinkelende kopjes
Dat alles zijn zoete herinneringen
Dat alles zijn zoete herinneringen
zelfs hoe ze tegen grootpa gromt

Geen opmerkingen:
Een reactie posten